TAAL
Vanwege de vertaling komt de Nederlandse versie van de NAVO Kroniek ongeveer twee weken later dan de Engelse on line.
OVER DE NAVO KRONIEK
BELEID BETREFFENDE BIJDRAGEN
COPYRIGHT INFORMATIE
REDACTIETEAM
 RSS
STUUR DIT ARTIKEL NAAR EEN VRIEND
NEEM EEN ABONNEMENT OP DE NAVO KRONIEK
  

Egypte en Facebook: ’t is tijd voor een statusupdate

Volgens bepaalde bronnen vond in Egypte de "Revolutie 2.0" plaats. Niet waar, zo betoogt Will Heaven. Hij wijst op overtuigend bewijs dat het Westen de gebeurtenissen in Egypte veel te veel door een Westerse bril bekijkt.

Wael Ghonim was al een nieuwe-media-yup voordat hij een held van de revolutie werd. Medio 2010 had je deze 30-jaar-oude Google directeur kunnen aantreffen aan de rand van het zwembad van zijn villa in Dubai, of met z’n vrienden rondtoerend in wat hij “fantastische auto’s” noemt .

Spoel even een half jaar verder en het beeld verandert radicaal. Een uitgeputte Ghonim houdt een microfoon in zijn hand op het Tahrir plein, in zijn geboortestad Cairo, terwijl hij Arabische slogans schreeuwt naar tienduizenden demonstranten – hij is vrijgelaten door het regime van Hosni Mubarak na 12 dagen gevangenschap. De volgende dag klinkt Ghonim als een overwinnaar. “Dit was een internetrevolutie,” zegt hij tegen CNN, “Ik noem hem revolutie 2.0.”

Hoe kwam het dat Wael Ghonim naar huis mocht? En heeft hij gelijk wat de revolutie in Egypte betreft?

Het antwoord op de eerste vraag begint met de brute moord op een 28-jaar-oude Egyptische zakenman, Khaled Said, in juni 2010. Puur toevallig kreeg, Said beeldmateriaal in handen van corrupte politieagenten die bezig waren inbeslaggenomen drugs en geld te verdelen. Men vermoedt dat hij het per ongeluk in handen had gekregen, via Bluetooth, terwijl hij rustig in een internetcafé in Alexandrië zat. Maar Said wiste de belastende video niet – moedig zette hij hem online.

Getuigen zeggen dat zijn hoofd herhaaldelijk tegen een marmeren tafel aan werd gekwakt voor hij naar buiten werd gesleurd en dood werd getrapt.

Wat precies voorafging aan de moord is niet helemaal duidelijk. Maar we weten dat twee politieagenten Khaled Said enkele weken later zagen lopen voor het internetcafé. Ze namen hem mee naar binnen en vielen aan. Getuigen zeggen dat zijn hoofd herhaaldelijk tegen een marmeren tafel aan werd gekwakt voor hij naar buiten werd gesleurd en dood werd getrapt.

Dan komt het internet voor de tweede keer op de proppen. In een politierapport wordt beweerd dat hij overleden was, na het doorslikken van een zakje marihuana. Maar Said’s familie kreeg door een bewaker van het lijkenhuis foto’s toegespeeld van zijn mishandelde lichaam. Zijn kaak, totaal vervormd door de laars van een agent, was bewijs genoeg van een doofpotaffaire. En dus werden de foto’s in openlijk verzet tegen de Egyptische autoriteiten, door Said’s neven op het net gezet. Zij werden een schokkende, virale sensatie.

Ze bereikten zelfs Wael Ghonim in Dubai – dus Google's hoofd van de marketingafdeling in het Midden-Oosten en Noord-Afrika besloot in actie te komen. Hij startte een nieuwe Facebookpagina om ze op te vertonen, en noemde hem “We Are All Khaled Said”, hij gebruikte de schuilnaam “ElShaheed” (de martelaar) om zijn identiteit te verbergen. Tegen het einde van januari 2011, had de pagina meer dan 350.000 volgers. Dat was het moment waarop Ghonim deze volgers vroeg om op 25 januari te gaan protesteren tegen het Egyptische regime.

© AP / Peter Macdiarmid

Maar sommige kijkers – ikzelf incluis – zijn er niet zo zeker van dat Ghonim een revolutie heeft georganiseerd

Dit lineaire verhaal, of op zijn minst delen ervan, heeft het publiek in het Westen bijzonder geboeid. Het verhaal verklaart waarom Wael Ghonim terugkeerde naar Egypte. Maar het is wat daarna gebeurde dat twijfel oproept.

Kort samengevat, de meeste kijkers denken dat het lineaire verhaal verder gaat. Dat Ghonim’s Facebookgroep tienduizenden demonstranten heeft geïnspireerd om de straat op te gaan op de 25ste, wat – uiteindelijk – zou leiden tot de ondergang van Moebarak. Op 30 januari bijvoorbeeld, vroeg Newsweek, “Wie is ElShaheed?” Die anonieme activist, zo zei het blad, zat “achter de opstand in Egypte”.

Toen hij zijn identiteit bekend had gemaakt, profileerde hetzelfde blad Wael Ghonim als “de Facebook strijder voor de vrijheid”. De New York Times intussen, deed ademloos verslag over “Wael Ghonim’s Egypte” – het zou Ghonim zijn, stond in het artikel, die zou verklaren wanneer “het bevrijde Egypte weer open was om zaken te doen”.

Maar sommige kijkers – ikzelf incluis – zijn er niet zo zeker van dat Ghonim een revolutie heeft georganiseerd. Of dat hij achter de opstand in Egypte zat. Of dat het hier inderdaad ging om een internetrevolutie – “een revolutie 2.0”. Het lineaire verhaal, is zo lijkt het althans, is opgerekt en herverpakt, maar het klopt gewoon niet. De Google marketingdirecteur is ongetwijfeld een moedig man, Maar hij heeft niet noodzakelijk ook gelijk.

Laten we eerste eens beginner met de basiskennis. Hoeveel van Egypte’s 3,4 miljoen Facebookgebruikers volgden Wael Ghonim’s “We Are All Khaled Said” pagina in januari 2010? We hebben geen idee hoeveel er feitelijk in het land zaten. Op het moment dat ik dit artikel schrijf, was het mogelijk de pagina te volgen door mijn eigen Facebookaccount in het VK te gebruiken. Hoeveel anderen volgden de pagina van buiten Egypte? Hoeveel tienduizenden in de Arabische diaspora – Amerikaanse Egyptenaren bijvoorbeeld? Niemand die het weet.

De opkomst op 25 januari schiep een historische precedent. Heeft Wael Ghonim’s zes maanden oude Facebookpagina daar een rol bij gespeelde? Bijna zeker, ja. Maar andere factoren doen de betekenis ervan in het niets verdwijnen, niet het minst dat Tunesië slechts negen dagen eerder een dictator had verdreven. De protesten – durft men het te zeggen? – zouden vermoedelijk ook hebben plaatsgevonden zonder de hulp van Facebook of andere sociale netwerken als Twitter. 25 januari is een nationale feestdag in Egypte.

De term Twitterrevolutie was overdreven

Dan is er televisie. de Westerse media – en de meeste Egyptenaren – hoorden voor het eerst over Wael Ghonim toen hij op Dream TV verscheen, toen hij slechts enkele uren na zijn vrijlating na 12 dagen arrest werd geïnterviewd. Hij vertelde zijn verhaal en huilde om de demonstranten die tijdens zijn gevangenschap waren gedood. Dit gaf, zoals een Egyptische columnist schreef, de revolutie “een adrenaline-injectie in het hart”. De opkomst nam enorm toe.

Maar dit onderscheid is belangrijk: een significant TV-interview met iemand die deskundig is op het gebied van de sociale media – iemand die misschien Egypte’s hoop voor de toekomst belichaamde – heeft weinig te maken met de sociale media zelf. De twee media zijn verward, en het is aannemelijk dat de televisie (vooral de satelliettelevisie) een enorme invloed heeft gehad op de revolutie in Egypte. Fares Braizat, verbonden aan het in Qatar gevestigde Arabische centrum voor Onderzoek en beleidsstudies, het heeft zo verwoord: "Al-Jazeera heeft het volk een stem gegeven die het daarvoor niet had.”

Het westen staat er om bekend dat het de impact van de sociale media al vaker heeft overschat. De Groene Revolutie in Iran in 2009 stond ook bekend onder een andere naam – de “Twitterrevolutie” (de Washington Times en de BBC World Service hebben hem onder meer zo genoemd). Het gebruik van sociale media door de oppositie heeft over de hele wereld de krantenkoppen gehaald. Zoals Clay Shirky in die tijd zei: “Dit is ‘em. De echte. Dit is de eerste revolutie die een wereldtoneel op is geslingerd en die is getransformeerd door de sociale media.

© Reuters

Maar de term Twitterrevolutie was overdreven. In Evgeny Morozov’s boek The Net Delusion toont hij aan dat er, volgens een analyse van Sysomos (een bedrijf dat de sociale media analyseert), “slechts 19.235 Twitteraccounts geregistreerd waren in Iran (0,027 procent van de bevolking) aan de vooravond van de verkiezingen in 2009.” Met andere woorden, zoals Hamid Tehrani, de Perzische redacteur bij Global Voices, een jaar later zei: “Het Westen was niet zozeer op het Iraanse volk gericht, als wel op de rol van de Westerse technologie… Twitter was wel belangrijk voor het uitbrengen van het nieuws over wat er gebeurde, maar het belang ervan is te sterk benadrukt."

Hetzelfde geldt vermoedelijk voor de Egyptische revolutie en de opstanden in de Arabische wereld in het algemeen. De Westerse media hebben zich sterk gefocust op de rol van de Westerse technologie, maar minder op het feit dat actieve straatprotesten, een bekend en veelgebruikt middel bij revoluties, dictators ten val hebben gebracht. De chaotisch realiteit van de Arabische straatprotesten – op een bepaald moment was er zelfs een bizarre charge met kamelen in Cairo – is herverpakt voor een Westers publiek. De 30 miljoen Facebookgebruikers in het VK en de tientallen miljoenen die het afgelopen jaar gebruik maakten van The Social Network, vonden dat ongetwijfeld geweldig.

Terug dus naar die tweede vraag: had Wael Ghonim gelijk t.a.v. de revolutie in Egypte? Was dit een internetrevolutie? Was dit een “revolutie 2.0”? Nee, waarschijnlijk niet.

En als je nadenkt over een van de andere uitspraken van Ghonim – “als je een vrije samenleving wil, geef ze dan gewoon toegang tot internet ” – begint het idee wat naïef over te komen.

Lees meer:Egypte, nieuwe media
Geef door    DiggIt   MySpace   Facebook   Delicious   Permalink